Statistieken Hoofdluis

Product foto Licener anti-luis shampoo

Is hoofdluis een probleem van alle tijden?

Hoofdluizen zijn al duizenden jaren op de aarde aanwezig. Zo zijn er bij zowel de mummies in Egypte als bij opgravingen in duizend jaar oude Vikingnederzettingen in Groenland restjes van hoofdluizen gevonden. En de bestrijdingsmiddelen van die tijd lijken verdacht veel op die van nu.

Ook concluderen de onderzoekers dat het goed mogelijk is dat in de soldatenbarakken van Romeinse legers luizenplagen (en ander ongedierte) minstens net zo vaak voorkomen als in een moderne basisschoolklas. De manschappen zitten dicht op elkaar; de ideale omgeving voor een parasiet om van het ene haar naar het andere haar te klimmen.

Ook tijdens de pruikentijd in de achttiende eeuw is hoofdluis een bekend verschijnsel. De sierpruik dankt zijn bestaan zelfs aan de hoofdluis. Om de slapeloze nachten tegen te gaan, laten de rijkelui zichzelf namelijk kaal knippen en een uitbundige pruik aanmeten: weg luis!

Hoofdluis is een probleem van alle tijden, tot vlak na de Tweede Wereldoorlog. In 1940 ontdekt de Zwitserse chemicus Paul Hermann Müller de werkzaamheid van het verdelgingsmiddel DDT . In eerste instantie wordt DDT gebruikt om de coloradokever uit te roeien en op die manier de oogst van aardappelen, tomaten en aubergines te beschermen. Al snel wordt duidelijk dat het verdelgingsmiddel niet alleen effectief is tegen de coloradokever, maar ook tegen andere insecten zoals bedwantsen, vlooien en muggen. In korte tijd kunnen zo insecten gedood worden die besmettelijke ziektes als malaria of knokkelkoorts verspreiden. De successen leiden tot buitensporig gebruik van het middel. De ontdekker van de werkzame stof in het wonderpoeder, Müller, ontvangt hiervoor in 1948 de Nobelprijs. Ook (hoofd)luizen zijn niet bestand tegen het verdelgingsmiddel en worden op die manier langzaam uitgeroeid.

Na het jarenlange gebruik van DDT lijkt het aanvankelijk dat de luizen volledig zijn uitgeroeid. Maar niets is minder waar: na een verbod op het middel waarvan de schadelijke effecten inmiddels duidelijk zijn, neemt vanaf 1970 het aantal besmettingen weer toe en niet alleen in Nederland. In ’78 is het aantal mensen met hoofdluis in Berlijn en Hamburg maar liefst 25 keer groter dan tien jaar daarvoor. De reden voor de groeiende luizenaantallen is vermoedelijk toe te schrijven aan de resistentie van de hoofdluizen tegen de meest gebruikte antiluismiddelen zoals lotions, shampoos en poeders. Licener biedt hier de oplossing, lees hier.

Hoe vaak komt hoofdluis tegenwoordig voor?

Luizen en neten zijn al jaren een groot probleem. In september 2017 voert het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu een groot luizenonderzoek uit: een steekproef onder 655 Nederlandse gezinnen. Daaruit blijkt dat 3% van de 0-18 jarigen op dat moment last heeft van hoofdluis. Ieder jaar hebben bijna een half miljoen kinderen in Nederland last van de kriebelige beestjes. En ondanks alle tips en waarschuwingen om besmetting te voorkomen, lijkt de strijd tegen deze parasieten nog lang niet gestreden. Dit komt voornamelijk door een combinatie van achterhaalde adviezen van het RIVM en de GGD en het groeiende tijdgebrek bij ouders door de drukke levens van tegenwoordig.

Per leeftijdscategorie zijn er grote verschillen te zien. Zo komt hoofdluis bij basisschoolkinderen het meest voor: zo’n 5% van deze groep rapporteert hoofdluis tijdens de steekproef. De meiden in deze categorie hebben drie keer vaker last van hoofdluis dan jongens. De haarlengte lijkt een belangrijke rol te spelen. Zo krijgen meiden met halflang of lang haar ruim twee keer vaker te maken met hoofdluis dan meiden met kort haar. Maar ook het gedrag van meisjes zou een rol kunnen spelen. Zo knuffelen ze vaker en houden ze logeerpartijtjes. Ideale situaties voor de kleine insecten om over te klimmen van het ene haar naar de andere. Daarnaast lijkt het gebruiken van haargel een belangrijk preventiemiddel te zijn: jongens die gel gebruiken hebben mogelijk minder vaak last van de parasieten dan jongens die geen haarproducten gebruiken.

Na de schoolvakanties lijkt het vaak alsof er een zogenaamde hoofdluisepidemie uitbreekt. Maar, dat líjkt slechts zo. Hoofdluis komt dan niet per se méér voor maar luizenmoeders en vaders ontdekken ze op school simpelweg vaker door de grondige controle. De controles worden voornamelijk uitgevoerd na de schoolvakanties om op die manier een frisse start te maken met een schone klas.

We zien de laatste jaren een enorme stijging in het aantal jongeren met hoofdluis. De grootste groep klanten zijn meiden tussen de twaalf en achttien jaar met lang haar dat zij graag los dragen. Deze stijging van hoofdluis op middelbare scholen komt met name door het maken van de selfie. Een selfie is een gefotografeerd zelfportret, doorgaans gemaakt met een mobiele telefoon. Selfies zijn tegenwoordig zo dat je met je hoofden naast elkaar gaat om er leuk op te staan. Dat is genoeg tijd voor een luis om over te lopen.

© Copyright - Pronova Laboratories
VAT number NL 80 92 06 353 B02 - KvK-nummer 17126800